Opinie, Politiek, Klimaat
11 april 2017

Herhaal wind-op-zee-kunstje in gebouwde omgeving

Joris Wijnhoven: “Leg vast dat grootste deel gebouwen in 2030 van het gas is”
Het is stil rond de broedende kip die formatie heet. Dat voldoet helemaal aan de Haagse logica, maar te láng mag het niet stil blijven. De twee dames en zeven heren moeten beseffen dat hún keuzes voor de komende vier jaar cruciaal zijn om de anderhalvegraad-doelstelling van Parijs te halen. Haast is geboden. Naast doorbraken rond kolen, verkeer en industrie, moeten we ook in de gebouwde omgeving versneld afscheid nemen van gas.

Soms kan het ook snel gaan. De Groningse aardbevingsproblematiek is in een paar jaar tijd in haar volle omvang doorgedrongen tot de rest van Nederland. We kunnen de Groningse gasbel niet zonder op- of omkijken leegpompen en op ons dooie gemakje aan de slag te gaan met wat restwarmteprojecten hier, en wat nul-op-de-meter-woningen daar. De gassector erkent inmiddels zelf ook dat de rol van gas in onze gebouwde omgeving is uitgespeeld. Ergens in een besloten meeting hoorde ik een van hun woordvoerders zeggen: "Deze patiënt is terminaal, maar gun ons een zachte dood".

En er is nog meer goed nieuws. Iedereen lijkt het eens te zijn over wie deze enorme omschakeling in de gebouwde omgeving moet gaan leiden: de decentrale overheden. Samen met netbeheerders kunnen zij de overschakeling van gas op duurzame warmtebronnen en isolatie het beste overzien, omdat ze er het dichtste op zitten.

Alleen het tempo van dit onvermijdelijke proces moet mijns inziens door het Rijk worden aangegeven. Advies aan de formatietafel: leg vast dat het overgrote deel van onze gebouwen in 2030 van het gas is, leg de bevoegdheden bij de gemeenten en faciliteer hen dat ook waar te maken.

Met name dat laatste is gemakkelijker gezegd dan gedaan. Want juist het verregaand isoleren van huizen (een voorwaarde om van het gas af te komen) gaat supersloom. Huiseigenaren zijn ondanks een keur aan subsidies en goedkope leningen met geen twaalf stokken in beweging te krijgen. Ook woningcorporaties zijn sinds het opleggen van de verhuurdersheffing vooral aan het mokken over al dit onrecht en vergeten de afspraak uit het Energieakkoord na te komen, namelijk dat hun woningvoorraad in 2020 op gemiddeld label B moet uitkomen.
“Geef huiseigenaren de tijd, help hen bij financiering, maak het de markt mogelijk mooie aanbiedingen te doen die ontzorgen, maar, geachte onderhandelaars: verplicht het”
Eigenlijk zie je bij de gebouwde omgeving eenzelfde situatie als een paar jaar geleden bij wind op zee: technisch wisten we hoe het moest, maar de kosten waren nog te hoog. Die gaan vanzelf omlaag bij veel vraag, maar die was er (nog) niet vanwege die hoge kosten. Het Energieakkoord bracht uitkomst: de overheid garandeerde veel parken te zullen aanbesteden, op voorwaarde dat de prijs omlaag zou gaan. Dat zei het bedrijfsleven op haar beurt toe. Zo'n dynamiek zou je in de gebouwde omgeving ook graag zien. Dat kan, mits de overheid opnieuw de regie durft te nemen. Daarom nóg maar wat formatie-advies dan.

Het wordt tijd om de politiek van vrijwilligheid en verleiding voor de gebouwde omgeving tanden te geven. Anders gaan we het niet redden. Voor kantoren is het al in het Energieakkoord vastgelegd: alle Nederlandse kantoren moeten een C-label hebben in 2023. Zo'n verplichting moet er ook komen voor sociale woningbouw en koopwoningen.

Concreet: vertel corporaties dat de convenantsafspraak over gemiddeld label B wordt omgezet in een verplichting als zij niet ‘leveren' en stel aanscherping in het vooruitzicht. Zo kan er schaalgrootte ontstaan, waardoor de prijs per woning echt kan zakken. Voor de koopsector idem dito. Maak mensen duidelijk dat de overheid op termijn verwacht dat woningen ingrijpend zuiniger worden. Geef huiseigenaren de tijd, help hen bij financiering, maak het de markt mogelijk mooie aanbiedingen te doen die ontzorgen, maar, geachte onderhandelaars: verplicht het, want anders blijven de afspraken van Parijs onherroepelijk buiten beeld.

Last but not least: maak gas vier jaar lang vijf cent duurder. En geef dat geld aan mensen terug via de inkomstenbelasting. Zeer goed voor elke duurzame businesscase.

Joris Wijnhoven is Campagneleider klimaat en energie bij Greenpeace. Op Twitter is hij actief onder @JorisW_GP