ACM-besluit over diensten netbedrijf goed voor energietransitie

Martien Visser: "Laten we verstandig zijn. De strijd om de splitsing van Eneco en Delta is gestreden"

De Autoriteit Consument & Markt (ACM) heeft naar aanleiding van een klacht van energiebedrijf RWE besloten dat netwerkbedrijf Alliander haar diensten op het gebied van energiebesparing en energiedata mag blijven aanbieden. Deze beslissing betekent goed nieuws voor de energietransitie en voor de consument.

 

In ons dagelijkse spraakgebruik wordt de energiemarkt vaak in tweeën gedeeld: commodity en netwerken. We vergeten dan even dat de energiemarkt veel meer omvat. Naast de activiteiten van Alliander op het gebied van energiebesparing en voorlichting zijn er diensten en activiteiten op het gebied van vraagsturing, warmtenetten, centrale en decentrale energieopslag, slimme warmtepompen, back-up diensten, slimme netwerken, ICT, warmteopslag, energieconversie en ga zo maar door. Veelal betreft dit diensten met vooral een lokale impact; soms is er ook landelijke betekenis. De economische logica van al deze activiteiten is gebaseerd op besparingen op de commodity of in de netwerken en vaak bij beide.

 

Jammer

Deze diensten zijn van groot belang voor een succesvolle energietransitie. Sterker nog: wanneer we er als samenleving niet in slagen deze diensten en activiteiten tot bloei te brengen, dan zal de energietransitie in gevaar komen omdat het allemaal veel te duur wordt. Logischerwijs gebeurt er veel onderzoek naar deze diensten en activiteiten. De praktische uitrol verloopt echter traag en dat is jammer. Deels heeft dat te maken met onduidelijke regelgeving.

 

Er zijn partijen die betogen dat deze diensten bij commodity horen. Deze partijen vinden dat netwerkbeheerders daar dus niets te zoeken hebben. Anderen menen juist dat de commodity spelers zich moeten beperken tot hun computerschermen en stellen dat deze diensten zich niet wezenlijk onderscheiden van de diensten voor transport en distributie. De derde optie is dat deze diensten en bijbehorende activiteiten een vrij domein vormen waar alle partijen naar hartenlust aan kunnen deelnemen.

“Deze discussie is typisch Nederlands. In de rest van Europa speelt dit niet.”

Kramp

Deze discussie is typisch Nederlands. In de rest van Europa speelt dit niet. Dat komt omdat de Europese regelgeving zich focust op de non-discriminatoire toegang die netwerkbedrijven moeten aanbieden. Als u het rijtje diensten afloopt, dan ziet u dat deze diensten die toegang niet in gevaar brengen. De reden voor de typisch Nederlandse discussie zal zijn dat we hier ooit hebben gekozen voor afsplitsing tussen commodity en de netwerken. Vervolgens heeft de uitvoering van dat besluit veel langer geduurd dan gepland en zijn we met elkaar in een kramp geschoten. En nu voeren we de splitsingsstrijd op de vierkante millimeter onder het motto: hoeveel engelen passen er op een speldenknop.

 

De rest van Europa bekijkt dit hoofdschuddend. E.ON, RWE, Engie, Vattenfall, noem maar op. Allemaal doen die energiebedrijven zowel in netwerken als in commodity en dus is een discussie over waar deze diensten thuishoren volstrekt overbodig. Ook het Engelse netwerkbedrijf National Grid, toch geboren in de bakermat van de energieliberalisering, is tegenwoordig actief met zonneparken en energiebesparing. De voorwaarde die regulators in Europa aan deze diensten en bijbehorende activiteiten stellen, is dat er geen negatieve gevolgen zijn voor de tarieven van de netwerkactiviteiten. Dat lijkt me logisch en het is goed dat de Europese regulators daarop letten.

 

Passend

De ACM heeft voor de beoordeling van de eis van RWE een uitvoerige analyse van de jurisprudentie gemaakt. Haar conclusie is dat Alliander vrij is aanvullende diensten en activiteiten te ontplooien, zo lang het maar geen commodity (productie, verkoop en handel) betreft en mits die direct of indirect verband houden met haar infrastructuur.

 

Deze laatste toevoeging stemt tot enig nadenken. Het is immers een goede gewoonte in Nederland dat de aandeelhouder de ondernemingsdoelstelling en niet de toezichthouder/overheid. Anderzijds zal de aandeelhouder van Alliander er niet snel mee instemmen dat het bedrijf een dochter opricht die zich bezig houdt met branchevreemde activiteiten. Praktisch is er dus geen probleem.

 

Voor het overige vind ik de opstelling van de ACM volstrekt logisch en passend bij de opdracht van het instituut. Ten eerste omdat de uitspraak in lijn is met wat er in de andere Europese landen gebeurt. Ten tweede omdat de deelname van zoveel mogelijk partijen aan deze deelmarkt de concurrentie en innovatie bevordert, wat ten goede komt aan de consumenten. Ten derde omdat de ACM hiermee, binnen haar mogelijkheden, bijdraagt aan de energietransitie, wat eveneens in het belang is van de consument. Tot zover het positieve nieuws van het energietransitie-front.
“Ik kan me niet voorstellen dat de Eerste Kamer, die wetsvoorstel Stroom afwees, akkoord gaat met het ‘kalt stellen’ van de Allianders van deze wereld”

Er zijn namelijk dreigende wolken. Het vervolg op de wet Stroom, de wet "Voortgang Energietransitie" is ter consultatie gepubliceerd en zal weldra aan de Tweede Kamer worden aangeboden. En in het concept van die wet worden de activiteiten van Alliander en de andere netwerkbedrijven wat betreft deze diensten juist sterk aan banden gelegd. Let wel, u leest het goed: deze wet heet "Voortgang Energietransitie".

 

Simpel

Daarom mijn oproep: laten we nu eens proberen verstandig met elkaar te zijn. De strijd om de splitsing van Eneco en Delta is gestreden. Delta houdt uitverkoop van haar commodity business en Eneco heeft ondanks eerdere dreigementen gewoon meegeboden op de tender voor wind op zee. Reden om te stoppen met onze discussies op de vierkante millimeter en alle krachten te mobiliseren ten bate van een versnelling van de energietransitie.

 

Mijn voorstel is simpel. Laten we ons conformeren aan de Europese regelgeving. Dus zo lang Alliander en anderen geen activiteiten ontplooien waardoor de non-discriminatoire toegang tot hun netwerk in gevaar komt, of de tarieven onnodig stijgen, is alles toegestaan. Op die manier mobiliseren we in een klap de 20.000 energiedeskundigen in de netwerkbedrijven om bij te dragen aan de energietransitie.

 

Ik kan me eerlijk gezegd niet voorstellen dat de Eerste Kamer, die de wet Stroom heeft afgewezen vanwege haar zorgen over de voortgang van de energietransitie, akkoord zal gaan met het "kalt stellen" van de Allianders van deze wereld. Maar geachte Minister en Tweede Kamer, u bent eerst aan zet: u laat zich toch niet opnieuw overvleugelen door uw vakbroeders aan de overkant? Geef zelf de energietransitie de duw in de rug die nodig is!

 

Martien Visser is lector energietransitie & netintegratie, Hanzehogeschool Groningen en Senior Advisor International Business bij Gasunie